Hilversumsche Molenweegje
/

Een gedenkschrift betreffende de openbare badhuizen in Hilversum sinds 1857

1912   Vereniging Hilversumsche Bad- en Zweminrichting, Deel I

Click op het ter linkerzijde bovenstaand blokje met 3 horizontale balkjes voor toegang tot de overige tekstsecties.

 

De Vereniging Hilversumsche Bad- en Zweminrichting te Hilversum stichtte op 30 oktober 1912 de N.V. Hilversumsche Bad- en Zweminrichting. Deze N.V. werd op 8 december 1912 bij Koninklijk Besluit goedgekeurd. Het maatschappelijk kapitaal, groot fl. 30.000, was verdeeld over 30 aandelen aan toonder van elk fl. 1.000 (#11). De bouwarchitect Everwijn Verschuyl (#12) was voorzitter van het bestuur van de N.V. De initiators/promotors van de Hilversumsche Bad- en Zweminrichting waren Geert van Mesdag (#13) en F.M. Delfos. Geert van Mesdag - links op onderstaande bordesfoto - was een industrieel ondernemer en woonde komend vanuit Weesp vanaf 1898 te Hilversum in landgoed Quatre Bras aan de 's-Gravelandseweg 99. In 1893 werd hij als medevennoot opgenomen in de directie van de cacao- en chocoladefabriek Koninklijke Van Houten te Weesp. In 1913 was hij president-commissaris van de Raad van Commissarissen van de  N.V. Philips Gloeilampen Fabriek te Eindhoven. Dit bleef hij tot zijn overlijden in 1939, waarna Anton Philips dit overnam. F.M. Delfos was ere-lid van het Syndicaat van Suikerfabrikanten op Java (1907), directeur van Balong Bendo Cultuur (suiker, 1913), alsmede later directeur van de Cultuur Maatschappij der Vorstenlanden (suiker, 1925) eveneens op Java. De NV verkreeg door de verkoop van aandelen aan toonder fl. 12.500 voor de bouw van het zwembad en liet architect Everwijn Verschuyl (*29 augustus 1871 †25 oktober 1954) een ontwerp maken. 

Op dinsdag, 12 augustus 1913 werd de Hilversumsche Bad- en Zweminrichting (hierna: zwembad) met enig feestelijk vertoon geopend. Dit betekent sinds de Koninklijke goedkeuring een bouwtijd van slechts 8 maanden! In die bouwtijd is een gebouw gerealiseerd met allure in een eclectische ‘Louis XVI’-stijl. Niet alleen het exterieur maar ook het interieur omvatte bouwkundige detailleringen en versieringen van stand. Een monumentenstatus waardig.

 



Voor de volledigheid zij het volgende gememoreerd. De auteur (*1933) van dit document heeft vanaf 1937 tot 1949 in de bovenwoning van het zwembad gewoond. Hij was de 2e zoon van Remt (Tjapko's) Klaas Jager, de directeur/beheerder per 1937 van het zwembad. Veel informatie is daardoor gebaseerd op persoonlijke soms gedetailleerde feitenkennis uit die periode maar ook op binnen de familie nog aanwezige documentatie betreffende het zwembad. Verder kan evenzeer worden verwezen naar een eerder document ‘Het badhuis en zwembad aan de Badhuislaan’ (#1) met diverse referenties, dat in 2003 is gepubliceerd door een andere zoon (*1930) van Remt (Tjapko's) Klaas Jager en oudere broer van de auteur.

Het gebouw van het zwembad is gelegen op de hoek van de Badhuislaan en de Floralaan op de rand van de Hilversumsche villawijk, aangeduid met Suzanna Park/Boomberg, een deel van de Hilversumse Zuidereng. Het voorterrein van het zwembad was op de erfafscheiding gemarkeerd met 11 met klinkersteen vierkant gemetselde zuiltjes, afgedekt met een hardstenen tegel. De zuiltjes waren ~40 cm in het vierkant, ~1 m hoog en onderling verbonden met een vrij zware ketting. Het voorterrein was met grint afgewerkt. De op de foto zichtbare witte villa naast het zwembad was in 1937 vervangen door 3 burgerwoningen. Het witte koetshuis annex paardenstalling verderop op de hoek met de  1e Nieuwstraat en behorend bij een villa aan de Vaartweg 81 was in 1949 nog aanwezig, doch is heden inmiddels vervangen door 4 burgerwoningen. De oorspronkelijke villa zelf is nog aanwezig.

Voor het zwemwater en het drinkwater werd gebruik gemaakt van schoon grondwater, dat achter het zwembadgebouw in de noordoost hoek van het terreinperceel nabij het ketelhuis werd opgepompt.  De bodemstructuur in de omgeving van de Badhuislaan wordt gevormd door een zandpakket met een groot doorlaatvermogen. De stijghoogte van het grondwater bedraagt ongeveer NAP +1m.  In verband met de lage grondwaterstand (maaiveldhoogte +17m NAP zandgrond met de Oude Haven met peil +1m NAP zeer nabij) werd daartoe in de noordoostelijke punt van het terrein een ronde (~ᴓ 1,5m) met klinkersteen gemetselde put gemaakt met een diepte van ~15m met op de bodem in het droge een elektrische grondwaterpomp. Deze grondwatervoorziening was in 1948 nog steeds aanwezig maar is na de tijdelijke sluiting omstreeks 1935 wegens een ernstig defecte grondwaterpomp niet meer in gebruik geweest. Bij de opening in 1913 beschikte de inrichting derhalve over een ‘eigen’ watervoorziening ondanks de aanwezigheid van een gemeentelijke waterleiding; de watertoren aan de Jacobus Pennweg op Trompenberg in 1893 en het gemeentelijke waterleidingnet in 1898. Het zwembad beschikte bij de opening ook over een stoommachine voor het aandrijven van een elektrische generator voor het eigen elektriciteitsnet en van een watercirculatiepomp. In 1937 was het zwembad inmiddels voorzien van een elektrische krachtstroomaansluiting op het openbare net, waarvan de elektrische centrale aan de Jonkerweg 13 stond.

Al met al in 1913 dus behoorlijk zelfvoorzienend.

 

Een rondgang door het gebouw toont het volgende te beginnen bij de hoofdentree aan de voorgevel. Het gebouw is zonder spouwmuren uitgevoerd, dus met massief gemetselde muren en met enkel glas. De fraai gevormde entree was gesitueerd in het midden van de voorgevel van het gebouw. Deze bestond uit een met 6 traptreden verhoogd hardstenen entreebordes met twee hardstenen zijdelingse trappen en voorzien van een baldakijnachtige door 2 forse, ronde kolommen (dia. ~40 cm) gedragen overkapping. Het bordes en de beide entreetrappen waren afgezet met een sierlijk met een ronding uitgevoerd smeedijzeren hekwerk. Via de bewerkte dubbele entreedeuren betrad men de entreehal, waar links een kantoorruimte met betaalloket voor de caissière/receptioniste en rechts een besloten kantoortje. Vervolgens over de volle breedte van de entreehal een tweede trap van 5 treden naar een tussenhal eveneens met hardstenen vloeren om uiteindelijk in de zwemzaal te geraken. In deze tussenhal kon men ook naar rechts (heren) richting Floralaan of naar links (dames) richting 1e Nieuwstraat naar de gescheiden heren of dames bad- en doucheafdelingen. Beide badafdelingen hadden derhalve gescheiden wachtruimten. Aan de zuidelijke herenzijde waren 9 kuipbaden, waarvan 3 met douche alsmede 3 'stortbaden' (douches). Aan de noordelijke dameszijde waren 6 kuipbaden, waarvan eveneens 3 met douche en 3 stortbaden. De kuipbaden met douche waren gesitueerd aan de zijde van de Badhuislaan. Deze wit geëmailleerd gietijzeren badkuipen waren vrijstaand en voorzien van koperen mengkranen. Entreekosten: kuipbad met douche 50 cent; kuipbad zonder douche 35 cent; douche 25 cent. Handdoek, badlaken, zwembroek, badcostuum,en badmuts waren naar behoefte te huur.

Aan de zijde van de herenafdeling kon men buitenom bij de Floralaan via een trap naar beneden om door een zij-ingang de goedkopere volksbaden in het souterrain te bezoeken. Hier bevond zich een gemengde dames/heren wachtruimte. De dameszijde aan de Badhuislaan-zijde omvatte 3 kuipbaden en 2 regenbaden. De herenafdeling aan de Floralaan-zijde omvatte 4 kuipbaden en 3 regenbaden. Entreekosten: kuipbad 25 cent; douche 15 cent. 

De drie badafdelingen hadden elk een eigen wachtruimte. De volksbaden zijn na 1937 niet meer in gebruik geweest.

Aan de zijde van de damesafdeling was eveneens buitenom een vergelijkbare zij-ingang naar het souterrain. Hier was een bewaakte fietsenstalling. In hetzelfde souterrain was aan de frontzijde een ruimte, waar tijdens de periode 1937 tot 1949 enige letterkasten en drukpersen stonden, waaronder een 'Heidelberg'. Hiermee kon het eigen drukwerk, waaronder de diverse zwemdiploma’s, worden verzorgd. Het gebouw had een interne huistelefooninstallatie met door het hele gebouw op vele plekken een telefoontoestel met een draaislingertje om verbinding te maken. De externe telefoonaansluiting op het PTT-net had als telefoonnummer 7505, hetgeen als deel van het huidige telefoonnummer nog steeds bij een kleinzoon van Remt (Tjapko's) Klaas Jager in gebruik is. 

 Alle gebruiksruimten hadden centrale verwarming uitgezonderd de bovenwoning.

Boven de entreeruimten bevond zich een separate bovenwoning. Daarover later.